Uit onderzoek dat Significant uitvoerde in opdracht van Kwaliteitsinstituut (Zorginstituut Nederland) blijkt dat er in de langdurige zorg veel verschillende methoden worden gebruikt om de kwaliteit van leven te meten.1-3
Ook blijkt uit dit onderzoek dat het nauwelijks voorkomt dat één methode door een aanbieder ingezet wordt voor alle mogelijke doelen (noot a). Dit ondanks pogingen in de afgelopen jaren om op sectorniveau te komen tot standaardisatie van methoden. In de verpleging en verzorging heeft men jarenlang het kwaliteitskader uitgevoerd, in de langdurige GGZ worden de ROM instrumenten veelvuldig gebruikt en in de gehandicaptensector is het gebruikelijk om een instrument te kiezen uit een door de sector vastgestelde selectie (waaier) van meetinstrumenten. Naast deze ‘standaard’ instrumenten worden nog tal van andere instrumenten gebruikt om de kwaliteit van leven in beeld te krijgen. Gezien de huidige maatschappelijke trends van decentralisatie, lokale invulling en differentiatie, ligt het niet voor de hand dat er op korte termijn ‘zomaar’ verandering zal komen in de diversiteit aan methoden die in de langdurige zorgpraktijk worden gebruikt om de kwaliteit van leven in kaart te brengen. Daarvoor is een andere blik nodig op de eisen aan het arsenaal aan toegepaste instrumenten.